polychloornaftalenen Risico's van Stoffen

Let op!

Geprint op: 25-4-2024 om: 12:35

Controleer de actualiteit van deze gegevens op: https://rvs.rivm.nl

polychloornaftalenen

 
Stofgegevens
Stofnaam polychloornaftalenen
Stofafkorting PCNs
Engelse naam polychlorinated naphthalenes
CAS-nummer 70776-03-3
EG-nummer 274-864-4
Synoniem naftaleen chloorderivaten
polychloronaphtalenes
chloro derivates of naphthalene
naphtalene, chloro derivs.
chloorderivaten van naftaleen
Functionele stofgroep Lijst ZZS
Lijst OSPAR
Lijst Autorisaties en restricties
Lijst Stofklassen voor luchtemissies
Chemische stofgroep organohalogenen
chloornaftalenen
ZZS polychloornaftalenen
heptachloornaftaleen
hexachloornaftaleen
octachloornaftaleen
pentachloornaftaleen
tetrachloornaftaleen
trichloornaftaleen
Emissiegegevens ZZS-Navigator Naar lucht
Naar water

Voetnoten

De gegevens bij de ECHA (Europees Agentschap voor chemische stoffen) vallen buiten de verantwoordelijkheid van het RIVM. De gegevens in de ECHA database zijn aangeleverd door de registranten (industrie). Niet alle gegevens zijn geautoriseerd door de overheid.

Let op!

Geprint op: 25-4-2024 om: 12:35

Controleer de actualiteit van deze gegevens op: https://rvs.rivm.nl

ZZS
polychloornaftalenen (PCNs)
(70776-03-3)
heptachloornaftaleen
(32241-08-0)

(behoort tot polychloornaftalenen)
hexachloornaftaleen
(1335-87-1)

(behoort tot polychloornaftalenen)
octachloornaftaleen
(2234-13-1)

(behoort tot polychloornaftalenen)
pentachloornaftaleen
(1321-64-8)

(behoort tot polychloornaftalenen)
tetrachloornaftaleen
(1335-88-2)

(behoort tot polychloornaftalenen)
trichloornaftaleen
(1321-65-9)

(behoort tot polychloornaftalenen)
Specifieke naam op ZZS polychloornaftalenen; PCNs; chloorderivaten van naftaleen
heptachloornaftaleen
hexachloornaftaleen
octachloornaftaleen
pentachloornaftaleen
tetrachloornaftaleen
trichloornaftaleen
Op ZZS lijst vanwege OSPAR OSPAR lijst van stoffen voor prioritaire actie
OSPAR lijst van stoffen voor prioritaire actie
OSPAR lijst van stoffen voor prioritaire actie
OSPAR lijst van stoffen voor prioritaire actie
OSPAR lijst van stoffen voor prioritaire actie
OSPAR lijst van stoffen voor prioritaire actie
OSPAR lijst van stoffen voor prioritaire actie
Op ZZS lijst vanwege EU-POP Verordening Verordening (EU) 2019/1021 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen
Verordening (EU) 2019/1021 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen
Verordening (EU) 2019/1021 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen
Verordening (EU) 2019/1021 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen
Verordening (EU) 2019/1021 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen
Verordening (EU) 2019/1021 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen
Verordening (EU) 2019/1021 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen
Datum toevoeging 2-12-2013
2-12-2013
2-12-2013
2-12-2013
2-12-2013
2-12-2013
2-12-2013
Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen gegevens voor RIVM stofadviezen. Stoffen kunnen echter tot een groep behoren waarvoor wel gegevens voor RIVM stofadviezen zijn opgenomen.
Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen gegevens voor KRW prioritaire stoffen. Stoffen kunnen echter tot een groep behoren waarvoor wel gegevens voor KRW prioritaire stoffen zijn opgenomen.
OSPAR
polychloornaftalenen (PCNs)
(70776-03-3)
heptachloornaftaleen
(32241-08-0)

(behoort tot polychloornaftalenen)
hexachloornaftaleen
(1335-87-1)

(behoort tot polychloornaftalenen)
octachloornaftaleen
(2234-13-1)

(behoort tot polychloornaftalenen)
pentachloornaftaleen
(1321-64-8)

(behoort tot polychloornaftalenen)
tetrachloornaftaleen
(1335-88-2)

(behoort tot polychloornaftalenen)
trichloornaftaleen
(1321-65-9)

(behoort tot polychloornaftalenen)
Specifieke naam op OSPAR polychloornaftalenen; PCNs; chloorderivaten van naftaleen heptachloornaftaleen hexachloornaftaleen octachloornaftaleen pentachloornaftaleen tetrachloornaftaleen trichloornaftaleen
Laatste revisie Achtergrond document (Organiserend land) Er wordt geen achtergronddocument opgesteld OSPAR 2001: er wordt geen achtergronddocument opgesteld OSPAR 2001: er wordt geen achtergronddocument opgesteld OSPAR 2001: er wordt geen achtergronddocument opgesteld OSPAR 2002: er wordt geen achtergronddocument opgesteld OSPAR 2001: er wordt geen achtergronddocument opgesteld OSPAR 2001: er wordt geen achtergronddocument opgesteld
Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen gegevens voor E-PRTR. Stoffen kunnen echter tot een groep behoren waarvoor wel gegevens voor E-PRTR zijn opgenomen.

Toelichtende voetnoot

Toelichtende voetnoten

1:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was. Polychloornaftalenen dienen als één stofgroep beschouwd te worden (OSPAR 02/21/1, § 7.7).

2:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was. Polychloornaftalenen dienen als één stofgroep beschouwd te worden (OSPAR 02/21/1, § 7.7).

3:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was. Polychloornaftalenen dienen als één stofgroep beschouwd te worden (OSPAR 02/21/1, § 7.7).

4:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was. Polychloornaftalenen dienen als één stofgroep beschouwd te worden (OSPAR 02/21/1, § 7.7).

5:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was. Polychloornaftalenen dienen als één stofgroep beschouwd te worden (OSPAR 02/21/1, § 7.7).

6:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was. Polychloornaftalenen dienen als één stofgroep beschouwd te worden (OSPAR 02/21/1, § 7.7).

7:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was. Polychloornaftalenen dienen als één stofgroep beschouwd te worden (OSPAR 02/21/1, § 7.7).

8:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was.

9:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was.

10:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was.

11:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was.

12:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was.

13:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was.

14:

De identificatie van deze stof en de bijbehorende acties voor deze stof wordt uitgelegd in § 4.13 van OSPAR 2001 Summary Record. In het kort: de stof werd beoordeeld op basis van persistentie, mogelijkheid tot bioaccumulatie en toxiciteit, en scoorde op deze elementen vergelijkbaar hoog als de andere stoffen op de lijst. Volgens de laatste stand der kennis wordt deze stof niet geproduceerd of gebruikt in OSPAR landen. Om deze reden is afgesproken dat, te beginnen in 2003, waarnemers vanuit de chemische industrie iedere vijf jaar (of eerder wanneer informatie eerder beschikbaar komt) het volgende aan OSPAR rapporteren: a) of er bewijs gevonden is dat deze stof wordt geproduceerd, gebruikt of geloosd, wat deze bewijzen zijn, en welke acties werden ondernomen; b) of er verzoeken om goedkeuring van gebruik van deze stof zijn gedaan, en wat de uitkomst van deze verzoeken was.

Let op!

Geprint op: 25-4-2024 om: 12:35

Controleer de actualiteit van deze gegevens op: https://rvs.rivm.nl

Normen

Normwaarden per categorie, compartiment en stof
Categorie Compartiment/Normtype Norm polychloornaftalenen (PCNs)
(70776-03-3)
heptachloornaftaleen
(32241-08-0)

(behoort tot polychloornaftalenen)
hexachloornaftaleen
(1335-87-1)

(behoort tot polychloornaftalenen)
octachloornaftaleen
(2234-13-1)

(behoort tot polychloornaftalenen)
pentachloornaftaleen
(1321-64-8)

(behoort tot polychloornaftalenen)
tetrachloornaftaleen
(1335-88-2)

(behoort tot polychloornaftalenen)
trichloornaftaleen
(1321-65-9)

(behoort tot polychloornaftalenen)
Milieu Lucht Lucht Indicatief MTR 1 µg/m3 1 µg/m3 1 µg/m3 1 µg/m3 1 µg/m3 1 µg/m3 1 µg/m3
Milieu Oppervlaktewater zoet Landoppervlaktewateren Indicatief MTR (opgelost) 1,01E-04 µg/l 1,63E-04 µg/l 1,01E-04 µg/l 2,80E-04 µg/l 1,41E-03 µg/l 4,77E-03 µg/l
Milieu Sediment Sediment indicatief MTR
Milieu Sediment Sediment Indicatief MTR (droge stof) 108 µg/kg
Milieu Grond Interventiewaarde bodemkwaliteit (droge stof)
Milieu Grond Grond indicatieve interventiewaarde (droge stof)
Milieu Grond Grond Indicatief MTR
Milieu Grondwater Grondwater indicatief MTR
Milieu Grondwater Grondwater indicatieve interventiewaarde (opgelost)

Toelichtende voetnoot

80:

Maximaal toelaatbaar risiconiveau

102:

Maximaal toelaatbaar risiconiveau

61:

Maximaal toelaatbaar risiconiveau

109:

Maximaal toelaatbaar risiconiveau

1:

1. De waarden in deze tabel gelden voor een standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum). Op het omrekenen van de meetwaarden naar een standaardbodem zijn de regels krachtens artikel 25g, negende lid, onder i en j, van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. 2. Op het omgaan met meetwaarden beneden de bepalingsgrens van het laboratorium zijn de regels krachtens artikel 25g, negende lid, onder i en j, van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing.

178:

Maximaal toelaatbaar risiconiveau

75:

Maximaal toelaatbaar risiconiveau

Voetnoten

1:

Geldt voor de som van chloornaftalenen

2:

Geldt voor de som van chloornaftalenen

3:

Geldt voor de som van chloornaftalenen

4:

Geldt voor de som van chloornaftalenen

5:

Geldt voor de som van chloornaftalenen

6:

Geldt voor de som van chloornaftalenen

7:

Geldt voor de som van chloornaftalenen

8:

Voor deze stof is op ad-hoc basis een indicatieve interventiewaarde of een risicogrens afgeleid. Deze waarde is niet beleidsmatig vastgesteld. Nadere informatie is te verkrijgen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

9:

Voor deze stof is op ad-hoc basis een indicatieve interventiewaarde of een risicogrens afgeleid. Deze waarde is niet beleidsmatig vastgesteld. Nadere informatie is te verkrijgen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

10:

Voor deze stof zijn risicogrenzen voor bodem beschikbaar. Deze hebben geen officiële status als norm, maar kunnen wel worden gebruikt door het bevoegd gezag. Informatie over deze stof kunt u opvragen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

11:

Voor deze stof zijn risicogrenzen voor bodem beschikbaar. Deze hebben geen officiële status als norm, maar kunnen wel worden gebruikt door het bevoegd gezag. Informatie over deze stof kunt u opvragen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

12:

Voor deze stof zijn risicogrenzen voor bodem beschikbaar. Deze hebben geen officiële status als norm, maar kunnen wel worden gebruikt door het bevoegd gezag. Informatie over deze stof kunt u opvragen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

13:

Voor deze stof zijn risicogrenzen voor bodem beschikbaar. Deze hebben geen officiële status als norm, maar kunnen wel worden gebruikt door het bevoegd gezag. Informatie over deze stof kunt u opvragen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

14:

Voor deze stof zijn risicogrenzen voor bodem beschikbaar. Deze hebben geen officiële status als norm, maar kunnen wel worden gebruikt door het bevoegd gezag. Informatie over deze stof kunt u opvragen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

15:

Voor deze stof is op ad-hoc basis een indicatieve interventiewaarde of een risicogrens afgeleid. Deze waarde is niet beleidsmatig vastgesteld. Nadere informatie is te verkrijgen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

16:

Voor deze stof is op ad-hoc basis een indicatieve interventiewaarde of een risicogrens afgeleid. Deze waarde is niet beleidsmatig vastgesteld. Nadere informatie is te verkrijgen via de helpdesk van de website Risico's van stoffen (https://rvs.rivm.nl/vragen-enof-opmerkingen).

Let op!

Geprint op: 25-4-2024 om: 12:35

Controleer de actualiteit van deze gegevens op: https://rvs.rivm.nl

Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen gegevens voor ADR. Stoffen kunnen echter tot een groep behoren waarvoor wel gegevens voor ADR zijn opgenomen.
Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen gegevens voor Stofcategorie rekenvoorschrift omgevingsveiligheid. Stoffen kunnen echter tot een groep behoren waarvoor wel gegevens voor Stofcategorie rekenvoorschrift omgevingsveiligheid zijn opgenomen.
Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen gegevens voor CMR volgens CLP. Stoffen kunnen echter tot een groep behoren waarvoor wel gegevens voor CMR volgens CLP zijn opgenomen. Voor CLP vermeldt dit zoeksysteem alleen indeling als CMR 1A of 1B. Andere indelingen staan in de CLP verordening.
Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen gegevens voor CMR-stoffen SZW. Stoffen kunnen echter tot een groep behoren waarvoor wel gegevens voor CMR-stoffen SZW zijn opgenomen.
Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen zelfclassificaties als CMR 1A of 1B.
Informatieboodschap Er zijn voor deze stof geen zelfclassificaties als PBT of vPvB.

Toelichtende voetnoot

Toelichtende voetnoten